Lastige keuzes
Ze moeten gemaakt worden
Op 20 februari 1981 schreef het Gelders Katholiek Bureau voor School en Beroepskeuze een advies voor mijn school- en beroepskeuze. Mijn ouders hadden geen idee welke kant het met mij op zou gaan en ikzelf al evenmin. Ik zat in de hoogste klas van de basisschool; de zesde klas heette dat toen nog.
Een klein beetje historie vooraf
Ik begon mijn lagere schoolcarrière op de openbare basisschool “De Krakeling”. 1 minuut lopen van mijn ouderlijk huis in Vredenburg. Een enorm gebouw, in de vorm van -de naam zegt het al- een krakeling met een even enorm aantal leerlingen. Dat was een jenaplan school. In de praktijk kwam het erop neer dat kinderen in samengestelde leeftijdsgroepen (klas 1-2-3 en klas 4-5-6 ) bij elkaar gezet werden en dat je je eigen werk moest indelen. Wekelijks stelde de leerkracht een weektaak met opdrachten op, die je middels een ingenieus kaartjes-op-het-bord-hang-systeem moest afwerken. Dit systeem werkt bij mij niet.
Mijn concentratiecurve was compleet ongeschikt voor dit soort vrijetijdsonderwijs. Om te beginnen wist ik niet waar ik moest beginnen. Mijn doosje met kaartjes met daarop taken van de week stond op maandagochtend voor me, met mij besluiteloos erachter. En terwijl de juf zich zorgen maakte over het in toom houden van 33 wilde koters die allemaal hun eigen weg gingen, zat ik met mijn duivels dilemma: Tekenen of rekenen? Knutselen of schrijven? Keuzes maken.
Na verloop van tijd begon ik het systeem te snappen. Als ik nou ijverig begon met alle leuke dingen, hield ik dat zeker vol tot woensdagochtend. Elke woensdag, rond een uur of tien kreeg mijn juf in de gaten dat op het kaartenbord naast het pasfotootje van Frankie een kleurig rijtje kaartjes hing met alle leuke doe-dingetjes, maar dat de kaartjes Rekenen taak 5, spelling taak 3 en aardrijkskunde topo nog netjes op hun originele plek lagen.
Zo kon het niet langer. Mijn ouders werden op school ontboden, want Jena was voor kleine Frank geen goed plan. Het ging met mij alle kanten op, behalve de goeie. In de derde klas verkaste ik dus naar een kleine, katholieke en klassieke basisschool in de inspirerende wijk “het Duifje”. Daar was ik helemaal op mijn plaats. Ik veranderde in een leergierig jongetje dat goede cijfers haalde en lekker meedeed met de groep. Toch bleef het maken van keuzes iets, wat me niet echt goed afging.
Vriendinnetje
In de vijfde en zesde klas had ik een vriendinnetje. Een heus vriendinnetje, ik geloof zelfs dat we elkaar eens een kusje hebben gegeven, ergens op het schoolplein. Echt vlinders in m’n buik had ik niet, geloof ik, maar voor zover je op je 12e verliefd kunt zijn, was ik het. Het probleem was dat er nog een meisje in de klas zat, dat ik leuk vond. En zij mij ook. Lastig probleem zou je zeggen. Niet voor Frank. Nee! Op een vrije woensdagmiddag kreeg ik een briefje van vriendinnetje 1. Dat ze het echt niet erg zou vinden als vriendinnetje 2 ook mijn vriendinnetje zou zijn. Geen probleem zelfs, want ze waren ook vriendinnetje van elkaar. Probleem opgelost. Ik hoefde geen keuze te maken.
Eind klas zes van de basisschool de Citotoets. In de aula deden we dat. Briefjes met Shhht! Cito! Hingen overal door de school. Voor mij de vuurdoop. De ultieme uitdaging. Drie dagen lang niets anders dan keuzes maken. De meerkeuze maffia van het Cito had het op mij gemunt. Ik wilde geen keuzes maken. Ik kon geen keuzes maken! En toch moest het.
De keuze voor een middelbare school was niet eenvoudig. Gelukkig stuurde mijn ouders mij naar het Gelders Katholiek Bureau voor School en Beroepskeuze. Uit het onderzoek bleek dat kleine Frankie buitengewoon pienter was, maar lastig keuzes kon maken. Mijn ouders betaalden maar al te graag voor dit veelbetekenende advies en stuurden mij naar de brugklas Mavo-Havo VWO. Kijk, dat noem ik nog eens keuzes maken.
Inmiddels is onze oudste dochter 12. Vandaag was de laatste dag van de Citotoets. Ze gaat naar de middelbare school. En welke dat wordt? We weten het nog niet precies. Misschien wel een brugklas...

